Het Steen

Overweldigend resultaat: 91.03 procent van de Antwerpenaars die de GVA lezen, stemden NEE en dus tegen de plannen om van het Steen een commercieel kinderparadijs te maken! Resultaat poll 27 januari om 21:45. De poll is blijkbaar nog steeds open en je kan nog stemmen, als je dat nog niet deed, op deze link.

http://qa.gva.be/antwerpen/mag-het-steen-een-totaal-andere-bestemming-krijgen.aspx

 

Lees de open brief over het Steen die het Beschermcomité in de Knack publiceerde en op 15/02/10 aan het stadsbestuur overhandigde:

 Facebook groep voor het Steen en petitie:

http://www.facebook.com/event.php?eid=226602881338&index=1#/group.php?gid=60612140100

http://www.ipetitions.com/petition/Steen/index.html

http://www.radio1.be/programmas/feiten-en-fillet/waar-gaat-dat-heen-met-steen

Radio interview op Radio Centraal: http://redactie.radiocentraal.be/Home/?cat=15

LEES HIER DE OPROEP VAN HET STADSBESTUUR AAN PRIVE PARTNERS OM HET STEEN MOGELIJK COMMERCIEEL UIT TE BATEN:

http://www.antwerpen.be/eCache/BED/48.cmVjPTgwNTg5NDcmcmVjZj0w.html

http://www.antwerpen.be/docs/Stad/Autonome_bedrijven/AG_Vespa/informatiebundel_marktverkenning_hetsteen.pdf

RECENTE PERSBERICHTEN OVER HET STEEN EN HET BESCHERMCOMITE:

Opinie van journalist Bekkers in KNACK over staat erfgoed in Antwerpen en onze wandeling voor het Steen:

http://knack.rnews.be/blog/opinie/71-63-5659/wat-is-cultureel-erfgoed-nog-waard-.html

Gazet van Antwerpen over onze wandeling voor het Steen.  Zestig sympathisanten die wensen dat het Steen terug een gepaste museale invulling  voor elke Antwerpenaar krijgt,  kwamen opdagen ondanks ijs en sneeuw.

http://www.gva.be/antwerpen/antwerpen/stad-trakteert-11-000-man.aspx

http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=R72KLB26

gent-wandtapijten-en-apen-125

Een overtollig verkeersbord dat nog steeds op de Italielei hangt. Want, het Steen, één van de belangrijkste toeristische trekpleisters van Antwerpen, werd zonder consultatie van de doorsnee Antwerpenaar, zomaar gesloten.  Dagelijks komen tientallen mensen, veel buitenlandse toeristen, kijken of ze binnenkunnen. Erger nog, als het aan het Antwerps Stadsbestuur ligt, zal het Steen nooit meer opengaan als belangrijk museum van Antwerpen… Lees hieronder waarom. En wat het mooie Hessenhuis museum betreft: ook dat werd door het Stadsbestuur gesloten om er een banale depot of opslagruimte van te maken!

Sinds 28 december is het Steen, het enige restant middeleeuws bouwwerk en ooit Nationaal Scheepvaart Museum, toe.  Het Steen staat niet eens meer onder de bevoegdheid van de Schepen van Cultuur, maar is in handen van de Jeugddienst.

De Standaard berichtte al vroeg over de plannen van het Stadsbestuur om het Steen in consessie te geven aan Studio 100, van o.a. Plopsaland.  Op 26 maart 2009, verscheen volgend artikel over ons beschermcomité en het Steen in het Nieuwsblad en de Standaard:

http://www.nieuwsblad.be/Article/Detail.aspx?ArticleID=MQ289B5J

‘Dit moet een monument blijven, voor jong én oud’
Dossier SOS Cultureel Erfgoed wil niet dat het Steen straks een kinderparadijs wordt

ANTWERPEN – Het Beschermcomité SOS Cultureel Erfgoed Antwerpen start een petitie om het Steen te redden van een toekomst als ‘kinderparadijs’. ‘Elke generatie moet kunnen genieten van dit middeleeuws monument’, zegt actievoerster Bea Hanssen.

Nu de collectie van het Steen naar het Museum aan de Stroom (MAS) verhuist, blijft het koffiedik kijken wat er met dit middeleeuws kasteel gaat gebeuren. Het Antwerpse bestuursakkoord heeft het over een kindvriendelijk invulling, waarbij al verschillende scenario’s de revue passeerden. Zo waren er plannen om het in handen te geven van Studio 100, bekend van onder meer Plopsaland, Mega Mindy en de hond Samson, of om er de oude stadslegendes, zoals Lange Wapper en Jan Zonder Vrees, op een of andere originele manier tot leven te laten komen.

‘Het Steen is het enige middeleeuwse bouwwerk in de stad, met de allures van het Gentse Gravensteen of de Tower van Londen’, vindt Bea Hanssen van het Beschermcomité SOS Cultureel Erfgoed Antwerpen, dat eerder al voor het Stadspark in de bres sprong. ‘We kunnen ons toch moeilijk voorstellen dat die Tower van Londen een sprookjeskasteel of kinderleercentrum zou worden. Waarom het Steen in Antwerpen dan wel?’

Het Beschermcomité voegt eraan toe dat het op zich niets tegen zo’n sprookjeskasteel of kindercentrum heeft. ‘Dat vinden we zelfs een fantastisch idee, maar niet in het Steen. Zo wordt dit museum uitbesteed aan één deelgroep en is het niet meer toegankelijk voor jong en oud. Dan is dit monument er niet langer voor iedereen, ook niet voor de toeristen trouwens die nu al vaak voor een gesloten poort staan.’

Dat er nog weinig authentieks aan deze stadsburcht is, vormt voor de erfgoedbeschermers geen bezwaar. Het grootste gedeelte van dit middeleeuwse monument verdween eind 19de eeuw, bij het rechttrekken van de Scheldekaaien. Toen werd aan de eeuwenoude muur een kasteeltje gereconstrueerd. Eén museumvleugel is zelfs amper 50jaar oud.

‘Ik ben historicus, natuurlijk weten we dat. Maar ook het renaissancedeel heeft zijn erfgoedwaarde. En ook het interieur, met bijvoorbeeld de prachtige schouwen, is belangrijk’, zegt Hanssen.

Ook Paul Bistiaux, secretaris van FC Antwerp, maakte zich een jaar geleden al zorgen over de toekomst van het Steen: ‘Daar moet je een andere bestemming voor bedenken dan een pretpark voor kinderen.’

Het Beschermcomité vindt dat het Steen opnieuw een museum moet worden voor alle leeftijden. Een museum waarin bijvoorbeeld voorwerpen waarvoor geen plaats is in het MAS zouden kunnen worden ondergebracht, maar dat ook de archeologische collectie van de stad of de cultuurschatten van Antwerpen zou kunnen herbergen.

‘Het zal echt geen museum meer worden’, reageert jeugdschepen Leen Verbist (SP.A). ‘We komen niet terug op de beslissing om al die collecties in het MAS te centraliseren. Daar komen die erfgoedstukken beter tot hun recht. Het Steen werd nooit gebouwd als museum.’

Welke bestemming het gebouw dan precies zal krijgen, is nog niet helemaal duidelijk. ‘Dat is één element uit het inspraakproces van de Kaaien. Waar iedereen het wel over eens is, is dat het Steen een monument op zich is. Het is een stadsgezicht dat iedereen zal kunnen blijven bewonderen. Maar het spreekt ook vooral bij kinderen tot de verbeelding. We zoeken dan ook een kindvriendelijke invulling, waarbij we hen in contact brengen met ons rijke erfgoed. En natuurlijk met respect voor dit monument. We gaan het alvast niet leeg laten staan, maar er een levend monument van maken’, zegt Verbist.

Tja, maar verkleuter je het erfgoed dan niet? Zullen jonge volwassenen of senioren er straks nog welkom zijn? ‘Iedereen, van welke leeftijd ook, moet er zich welkom voelen. Ik sluit bijvoorbeeld niet uit dat je er ook iets zal kunnen drinken. Er bestaat een groot misverstand. Iedereen vreest dat we er een soort Disneyland van gaan maken. Dat is niet de bedoeling. We gaan van ons Steen echt geen suikertaart maken. Wel willen met de nieuwe invulling meer kinderen naar deze stadsburcht brengen, en meer volwassenen trouwens ook’, besluit Verbist. “

Journalist Kris Goossenaerts schreef ook een voortreffelijke colum in het Nieuwsblad, tegen deze verkleutering van het Steen:

‘Een monument moet de verschillende generaties verbinden, niet verdelen’

ANTWERPEN – Het Steen leeft in het hart van elke Sinjoor. Dit monument verkwanselen betekent dan ook het hart van de Antwerpenaar vertrappelen. Die zag met lede ogen al enkele monumenten verpatst worden aan projectontwikkelaars en andere zakenlui: de Stadsschouwburg of de Handelsbeurs bijvoorbeeld. Zo’n scenario met het Steen zien wij alvast niet zitten. En zal op fel verzet van de Antwerpenaar mogen rekenen. Eventuele plannen om er Studio 100 zijn gang te laten gaan, zijn dan ook uit den boze.

Het idee dat Leen Verbist hiernaast voorzichtig formuleert – ‘je zult er misschien ook iets kunnen drinken’ – maant ook al aan tot waakzaamheid. Natuurlijk kan een caféhoekje met een terrasje op de Kaaien er best, maar dit monument verbouwen tot een lucratieve horecatempel lijkt ons niet echt het beste idee.

De stad wil volgens haar bestuursakkoord aan het Steen een ‘kindvriendelijke invulling’ geven. Maar wat bedoelen ze daar eigenlijk mee? We hebben niets tegen kinderen, ook zij moeten zich in het nieuwe Steen thuis kunnen voelen. Maar er dreigt meteen een verkleutering. Deze burcht omtoveren tot een sprookjeskasteel, ook al werken de Antwerpse legendes nog zo inspirerend, zou van dit monument meteen een reservaat maken voor de allerkleinste Sinjoren. Waar de andere Antwerpenaars eigenlijk niets meer te zoeken hebben.

Zo wordt een monument dat nu nog iedereen bindt, er één dat generaties verdeelt. Dat mag toch nooit de bedoeling zijn.

Geef het Steen gewoon een bestemming waarin elke leeftijd zich kan vinden. En die het Antwerps erfgoed ernstig neemt, op een volwassen manier. Waar mensen kennis kunnen maken met de oude stad en haar rijke verleden. Wees gerust, dan zullen ook kinderen zich er kiplekker voelen. Jongeren hebben in hun vrije tijd niet alleen maar behoefte aan Kabouter Plop, Piet Piraat en K3.

Waarom ziet het beschermcomité het niet zitten dat het Steen een kinderkasteel wordt? Zijn we tegen kinderen? Natuurlijk niet, wat een absurde idee. Maar het Steen moet een museum zijn waar iedereen, inclusief kinderen, terecht kunnen. Door het Steen enkel toegankelijk te maken voor kinderen, wordt het uitbesteed aan een DEELGROEP, en ONTOEGANKELIJK gemaakt voor iedereen anders, inclusief de vele buitenlandse toeristen, Japanners, Amerikanen, enz., die nu nog elke dag aan de gesloten deur van het Steen komen porren om te zien of ze binnen kunnen. Het Steen staat nog in talloze toeristische gidsen als enig overlevend restant middeleeuws bouwwerk in Antwerpen en bevat pareltje van de Vlaamse renaissance interieurkunst van binnen. Stel u voor dat u niet meer in de Tower van London binnen kan omdat het Londons stadsbestuur besloot om het enkel voor kinderen en hun begeleiders toegankelijk te maken en u begrijpt de absurditeit van de situatie in Antwerpen. 

Een kindersprookjeskasteel, te midden van waardevolle museumstukken waarvan u er hieronder enkele ziet? De inventarisatienummers geven duidelijk aan dat het hier om kostbare museumstukken gaat.  Dit is geen hangar die men tot sprookjeskasteel kan omtoveren; dit is uniek cultureel erfgoed, dat het Stadsbestuur wil verhuren en met schuttingen afdekken. 

Hiertegen protesteren heeft niks met “ouderwets” of “nostalgisch” zijn te maken, de etiketten die graag gebruikt worden om kritiek van burgers in de kiem te smoren: wie deze beslissingen niet apprecieert is “niet mee met zijn tijd,” is blijven steken in een nostalgisch foto album.  Maar kan u zich voorstellen dat de Tower van London of het Gravensteen tot kinderkasteel worden omgedoopt (zie ook Paul Bistiaux in het GVA artikel hieronder) en dat u er voor een gesloten poort staat omdat men het interieur moet ombouwen en afdekken met panelen?  Historische pretparken, zoals Ooit Tongeren, spelen zich nooit in echte historische gebouwen af, maar in namaak kastelen. De wereld op zijn kop in Antwerpen dus. 

Er wordt ook wel eens geopperd dat er van de oorspronkelijke middeleeuwse burch weinig overschiet en dat het herbouwd werd in de 19de eeuw. Dat klopt, maar ook de restanten uit de 16de eeuw en uit de 19de eeuw, zoals de neogotische vleugel, vinden wij historisch waardevol erfgoed.

Hier vindt u de bouwfiche in de inventaris van het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed:

http://paola.erfgoed.net/sdx/inventaris/toon.xsp?id=4602&base=objekt&qid=sdx_q0&p=1

vensters

schouw

schoorsteen-17de-e

nummer

********************

In de zomer van 2008, haalde Paul Bistiaux, secretaris van den Antwerp, het nieuws met zijn protest tegen de omfunctionering van het Steen:

23/06 “Van het Steen maak je toch geen sprookjespaleis”
Antwerp-secretaris Paul Bistiaux stapt voor één keer uit zijn rol en profileert zich als een bezorgde Antwerpenaar. “Het stadsbestuur wil van het Steen een sprookjeskasteel voor kinderen maken. Dat doe je toch niet met het oudste gebouw van de stad?”
Paul Bistiaux maakt zich zorgen over het Steen. “Dat de collectie van het Scheepvaartmuseum na bijna honderd jaar naar het MAS verhuist, dat kan ik nog volgen”, zegt hij. “Maar ik ben erg geschrokken van de mededeling dat het stadsbestuur van het Steen een soort sprookjeskasteel voor kinderen wil maken. Blijkbaar is de Jeugddienst nu bevoegd voor het oudste stenen gebouw van onze stad.”Unieke locatie“Het Steen is uniek, het heeft al meer dan duizend jaar een grote betekenis voor veel mensen. Je kan het vergelijken met de Tower in Londen. Zelfs Godfried van Bouillon heeft er als markgraaf van Antwerpen nog verbleven. Als de kathedraal het belangrijkste religieuze bouwwerk van Antwerpen is, dan zijn het Steen en het Vleeshuis de belangrijkste profane gebouwen. Daar moet je een andere bestemming voor bedenken dan een pretpark voor kinderen.”

Paul Bistiaux heeft zijn bezorgdheid al overgemaakt aan het stadsbestuur. “Ik krijg telkens vriendelijk antwoord van de Jeugddienst: ’We zullen het meenemen in de zoektocht naar een uitbater.’ In dat ene zinnetje staan twee woorden waar ik van huiver: meenemen en uitbater. De stad moet niets meenemen, ze moet verdorie de wet stellen! En een uitbater voor het Steen? Heeft de Tower een uitbater? Bij dat idee rijzen mij de haren ten berge.”

Uitgelezen locatie

“Het Steen wordt geen tweede Pirateneiland of zo, meneer Bistiaux hoeft zich niet ongerust te maken”, zegt schepen van Jeugd Leen Verbist (sp.a). “Maar we willen er wel een plek van maken die kinderen meer aanspreekt dan nu. Het is een uitgelezen locatie, zo’n kasteel spreekt tot de verbeelding. Een aangepaste speeltuin in de buurt is ook een mogelijkheid. Maar dat is allemaal nog voorbarig. Voorlopig bevat Het Steen nog een museumcollectie. De nieuwe bestemming is pas voor 2010 of 2011.”
 (http://www.gva.be/Antwerpen/2000/artikel.asp?art={104AEF39-2B0F-46E7-8077-FFAF5FF42263})
 

***************************************
De Zwanenzang van het Steen

Het Nieuwsblad bracht volgend bericht over de laatste dagen van het Steen:
http://www.nieuwsblad.be/Article/Detail.aspx?articleID=bs24dat3

 ATV’s berichtgeving over de Laatste Dagen van het Steen zag er heel anders uit. Merkwaardig genoeg vond ATV geen enkele Antwerpenaar die de sluiting van het Steen echt niet kon apprecieren.

http://www.atv.be/v3/newsdetail.aspx?mid=&id=10978

Geen nood, het beschermcomité heeft een alternatieve video versie van de sluiting van het Steen, die u weldra hier vindt.

***********************************************************

Kleine geschiedenis van het Steen

Op het einde van de 10de eeuw maakt keizer Otto II van drie plaatsen aan de Schelde – Antwerpen, Ename bij Oudenaarde en het Noord-Franse Valenciennes – zg. “markgraafschappen”. Een markgraafschap is een militair district dat de “mark” of grens beschermt tegen een externe vijand – in dit geval Vlaanderen.

De Antwerpse nederzetting krijgt omstreeks 980 een hogere aarden omwalling. Het terrein daarbinnen wordt opgehoogd. Gebruik makend van een inzinking in het terrein graaft men de Burchtgracht.

Binnen de versterking komt een houten verblijf voor de markgraaf en één voor zijn plaatsvervanger, de “tribunus” of “villicus”. Mogelijk trekt men op de plaats van het latere Steen een donjon of versterkte stenen toren op (Ename heeft er in ieder geval één). En men sticht een Sint-Walburgiskapel.  Voorts vinden we binnen het burchtgebied een muntatelier en, nabij de Werf, een tolhuis. Een open plein tussen de grafelijke woning en de kerk diende waarschijnlijk als markt en vierschaar of rechtbank.

Aan de kant van de Werf, die vanaf het einde van de 9de eeuw als havenhoofd fungeert, is de Antwerpse Burcht open. Dat zal nog verscheidene eeuwen zo blijven. In de 12de eeuw zetten schippers van hier met hun koggen koers naar Londen. 

De stenen burchtmuur en het Steen komen er rond 1221. Dan krijgt Antwerpen van hertog Hendrik I zijn eerste vrijheden (al zijn reeds in 1201 gronden onteigend voor de bouw van de muur).

Het Steen is oorspronkelijk het poortgebouw van de Burcht. Volgens sommigen komt het op de plaats van het verblijf van de markgraaf, maar daarvoor is geen bewijs.

Het Steen fungeert van in het begin als gevangenis. Het is een privilege van de Antwerpse poorters dat men hen nergens anders mag opsluiten. In de Rechten en Costumen – zoveel als het oude wetboek van de stad – staat: “Niemant mach private kercker oft ghevanckenissen opstellen, noch oock yemanden in ’t heymelyck oft openbaer gevangen houden oft in banden van yser leggen (…) dan op ’s Heeren Steen ende ghevanckenis (…) op de verbuerte van lyf ende goet, oft andersins na gelegentheyt van den misbruyck gestraft te worden”.

Tot op het einde van het Ancien Régime heet de portier die de toegangspoort opent de “buitensluiter”. De “binnensluiter” neemt de binnenpoort voor zijn rekening. Dat is de poort die van op de binnenplaats toegang geeft tot het gebouw zelf.

Voorts werken in het Steen acht tot tien hellebaardiers. Zij staan onder het bevel van de cipier van het Steen, de “steenweerder”. Die woont in een ruim vertrek op het gelijkvloers. De steenweerder pacht zijn ambt en leeft van de winst die de betalende gasten hem opleveren. Zijn werk is niet ongevaarlijk: in 1360 proberen burgers een gevangene te bevrijden en daarbij vinden zowel de schout als de gevangenbewaarder de dood.

Op het gelijkvloers en op de eerste verdieping van het Steen  vinden we de “Poorterskamer”, ook “Pistool” genoemd. Dat is de afdeling voor poorters die in staat zijn zelf hun verblijf en hun maaltijden te bekostigen. Zij mogen aan de tafel van de steenweerder eten. Wie dat doet, zo wil een reglement van 1539, telt voor dat voorrecht “twee stuvers” neer en “daarenboven synen wyn en extraordinaris kosten”. Gedetineerden mogen tijdens de maaltijd geen “infamelieke, onbehoirlicke ende oncuyssche” woorden spreken. Een gevangene die dat wenst, kan – indien er genoeg plaats is – zijn eigen bed meebrengen. Bezoekers die messen of andere scherpe metalen voorwerpen op zak hebben, moeten die afgeven aan de buitensluiter. Vrouwelijke bezoekers ondergaan altijd een “visitatie” om na te gaan of ze onder hun “huycken ende falien van den hoofde” geen “heymelicke instrumenten” bijhebben. “Erich onbehoirlick volck, het waren lichte vrouwen of anderssins” komen er niet in – tenzij de steenweerder er anders over beslist… De betalende gevangenen en hun bezoek mogen “tamelyck ende manierlyck (…) drinckene eenen pot wyns of twee”. Maar de spijs en drank die het bezoek bij zich heeft, worden wel eerst door de steenweerder onderzocht.
Het “Gemeene Steen” (ook “Plat Steen”) bestaat eveneens uit een vertrek op de benedenverdieping en een op de etage. Het gaat om het verblijf van de onvermogende poorters die in de gevangenis van aalmoezen leven. Maar, stipuleren de Rechten en Costuymen, het is verboden hen “in eeniger manieren beneden oft onder de aerde te stellen”, tenzij ze “om eenich enorm delickt ghevanghen waren, oft oploop, rumoer, fortse, ofte rebellen op den steen”. Indien een bezitsloze gevangene zich aan een van die zware vergrijpen schuldig maakt, sluit men hem op in de “diefputten” of onderaardse kerkers. Daar worden normaliter alleen gedetineerden ondergebracht die geen poorter zijn. Enkel de diefput onder de binnenplaats heeft een lichtgat in het midden van het gewelf. Twee 15de-eeuwse gedenkstenen op de binnenplaats herinneren eraan dat jonkvrouw Lijsbet van Wijnegem en koopman Pieter Pot elk een kapitaal nalieten waarvan de interesten worden besteed aan brood voor behoeftige gevangenen. In de kelder van het Steen bevindt zich ook de “tortuerkamer”. Daar zijn, als we de geschiedschrijvers Mertens en Torfs mogen geloven, in het begin van de 19de eeuw nog overblijfselen van foltertuigen te zien. De auteurs – of in ieder geval een van beide – horen in 1816 van de cipier dat een kleine cel vlakbij de tortuerkamer diende om veroordeelden terecht te stellen wier familie de schande van een openbare executie wilde ontgaan. “Tussen die zware muren met salpeterachtige plekken en rot, afbrokkelend bezetsel, zonder licht en zonder lucht, moeten zich tragische tonelen afgespeeld hebben,” schrijft Amand de Lattin.

In de 16de eeuw worden in het Steen soms ketters ter dood gebracht om oproer te verkomen. In principe vinden terechtstellingen immers plaats op der Grote Markt of op het Galgenveld. 
 
 
Het Steen is eigendom van de vorst. Bouwmeesters Dominicus de Waghemakere en Rombout Keldermans herstellen de gevangenis in 1520 in opdracht van keizer Karel. Carcer publicus est sub annim 1520 a fondamentis restauratus, schrijft Grammaye: “de openbare gevangenis werd in 1520 vanaf de fundamenten heropgebouw”.

Boven de toegangspoort prijken de wapens van de stad, het markgraafschap Antwerpen en het hertogdom Brabant. Daarboven zien we de drie getraliede vensters van de kapel met ernaast de brandstokken van Bourgondië en de spreuk Plus Oultre.

In de 16de eeuw worden in het Steen soms ketters ter dood gebracht om oproer te verkomen. In principe vinden terechtstellingen immers plaats op der Grote Markt of op het Galgenveld.

Omdat de steenweerder – de hoofdcipier – zijn ambt pacht van de stad, verliest men stilaan uit het oog dat het Steen eigendom is van de vorst. Men begint het als stedelijk bezit te beschouwen. Dat leidt in de Hollandse tijd (1815-1830) tot een proces dat de puntjes weer op de i’s zet. In 1828 wordt het Steen bij vonnis opnieuw staatseigendom.

Maar de tijden zijn veranderd. Men maakt zich zorgen over het feit dat in het Steen gevangenen “zonder onderscheid van staet, geslacht, ouderdom en aerd van misdryven in de gemeene zalen” werden opgesloten.

In 1827 verblijven in het Steen 192 personen, onder wie 70 deserteurs, 20 gestrafte soldaten en 23 veroordeelde misdadigers. Schurft en tuberculose zijn er schering en inslag.

Toch duurt het tot 1823 eer men de laatste gedetineerde overbrengt naar een nieuwe gevangenis. De staat verkoopt het Steen aan een nijveraar die er een houtzagerij onderbrengt. In 1842 laat hij het gebouw over aan de stad Antwerpen. Een tijd dient het tot woonst voor getrouwde militairen. In de zuidelijke muur van de kelderverdieping worden openingen naar de Vismarkt gemaakt: vishandelaars gebruiken de kelders als opslagplaats.

In 1862 overweegt de gemeenteraad de afbraak van het gebouw, maar zo ver komt het uiteindelijk niet.

De Antwerpse leden van de Koninklijke Commissie voor Monumenten kloppen aan bij het stadsbestuur. Zij willen in het Steen een Museum voor Oudheden inrichten, samen met de Société Paléontologique, die een eigen verzameling bezit. Ze wenden zich eerst tot Niçaise De Keyser, de directeur van de Academie. Een van hun doelstellingen is immers studiemateriaal bijeen te brengen voor jonge kunstenaars. Maar De Keyser kampt met plaatsgebrek. Daarom suggereert de schilder Henri Leys de initiatiefnemers om aan de stad de beschikking over het Steen te vragen. In 1864 opent het Musée d’Antiquités zijn deuren.Net geen twintig jaar later, in 1883, is de rectificatie van de Scheldekaaien in volle uitvoering. De gemeenteraad beraadslaagt eens te meer over een eventuele afbraak van het gebouw. Met een meerderheid van één stem kiest men echter voor behoud van het monument. Drie jaar later wordt besloten het museum uit te breiden. Stadsingenieur August Royers bereidt de werken voor. In 1913 brengt men een deel van de collectie over naar het Vleeshuis. Toch fungeert het Steen nog tot in 1952 als oudheidkundig museum. Dan brengt men er het Scheepvaartmuseum onder, dat meteen “Nationaal” wordt. Met het oog daarop wordt het complex eens te meer vergroot. Voor het Nationaal Scheepvaartmuseum werken de Belgische staat en de stad Antwerpen samen. Het publiek moet er een idee krijgen van de maritieme geschiedenis en tradities van het land. Er zijn in totaal 15 zalen. De middeleeuwse kerkers in de kelder van het Steen worden omgebouwd tot depot. Het museum is de opvolger van het ‘stiefmoederlijk behandelde’ stedelijke scheepvaartmuseum dat al in 1927 is opgericht. Al sinds 1939 is sprake van een nationaal museum, maar de oorlog zorgt ervoor dat daar de eerste jaren niets van in huis is gekomen. Dat het Nationaal Scheepvaartmusem uiteindelijk toch zijn deuren kan openen, dankt Antwerpen mede aan burgemeester Lode Craeybeckx en stadssecretaris dr. K.C. Peeters, die weldra ook de gangmaker zal worden van het Volkskundemuseum aan de Gildekamersstraat. Gedurende bijna zes decennia is het Steen de plek waar jong en oud kennismaken met een uitzonderlijk rijke maritieme collectie, die een buitengewoon interessant licht werpt op de scheepvaart en haar geschiedenis. Antwerpen en de Schelde spelen in de opstelling een belangrijke rol, maar de verzamelingen van het museum omvatten veel meer dan “plaatselijk” of “regionaal” materiaal.

Met de sluiting van het Nationaal Scheepvaartmuseum in december van 2008 kwam er spijtig genoeg een abrupt einde aan de lange historische en museale geschiedenis van ons enige middeleeuwse bouwwerk.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.